Waarom socialisme slecht is

Hoe aantrekkelijk was het socialistische idee in de late 19e en vroege 20e eeuw, voor de Eerste Wereldoorlog! Alle lasten van het leven en het dagelijkse werk, alle onrechtvaardige ongelijkheden van materiële rijkdom waarneembaar in de samenleving, en alle onzekerheden van de gezondheidszorg en ouderdom zouden worden opgeheven van de vermoeide schouders van de “gewone man” met de komst van het socialisme.

Het socialisme zou alles rechtzetten. De mensheid zou worden bevrijd van de ketenen van de kapitalistische “loonslavernij”, iedereen zou worden voorzien van alle benodigdheden en voorzieningen van het materiële bestaan en verlangen, met alle leven in de gelijkheid van “sociale rechtvaardigheid” : Bijkomend zou een einde komen aan de onderdrukking terwijl de tirannie zou worden afgeschaft over de hele wereld.

Wat een nachtmerrie werd daarmee losgelaten op de mensheid! Te beginnen met de bolsjewistische Revolutie in Rusland in 1917 en vervolgens door alle andere communistische “overwinningen”, hetzij door sovjetverovering of binnenlandse revoluties en burgeroorlogen zoals in China of Cuba.

SOCIALISTISCHE REALITEIT VAN VERPLETTERDE VRIJHEID EN TIRANNIE

Burgerlijke vrijheden werden afgeschaft en geen gesproken of geschreven toespraak werd toegestaan buiten de “officiële lijn” van de regerende Communistische Partij. De socialistische centrale planning betekende dat de overheid bepaalde wat werd geproduceerd, waar, door wie, en in welke hoeveelheden. Ieders educatieve mogelijkheden, woonruimtes en werkgelegenheid werden toegewezen en gecommandeerd door de staat in naam van het collectieve “algemeen belang.” Afwijkende mening, onenigheid, of zelfs verdacht gebrek aan enthousiasme voor de vordering van de heldere, mooie socialistische toekomst werden beantwoord met arrestatie, gevangenisstraf, verbanning naar slavenwerkkampen, of de dood door marteling, honger, of eenvoudige deportatie.

Het menselijk leven werd ontdaan van privacy, met alles onder toezicht door agenten van de geheime politie of mogelijk gemeld door informanten. Angst en achterdocht waren onlosmakelijk verweven met een interpersoonlijke relatie of vereniging, of het nu in de overheid was, of met buren in appartementencomplexen in overheidsbezit. Vriendschappen, werden zo dus precaire relaties die konden eindigen in verraad en een klop op de deur in het midden van de nacht van de geheime politie met als gevolg de spoorloze verdwijning van een individu of een hele familie.

Het was niet genoeg voor de socialistische staat om publieke woorden en daden te bevelen en te controleren. Propaganda en indoctrinatie werden gebruikt in een poging om vorm te geven aan hoe mensen dachten over de wereld en zichzelf. De inhoud van de geest van het individu moest een product worden van het centrale plan net zoals de soorten en hoeveelheden van de fysieke goederen geproduceerd in “de mensen” fabrieken. 

MENSELIJKE KOSTEN EN MATERIËLE ARMOEDE VAN HET SOCIALISME- IN‐ DE PRAKTIJK

De menselijke kosten van het grote socialistische experiment om mens en maatschappij te remaken voor een nieuwe collectivistische hemel op aarde waren bijzonder groot. Historici van de communistische ervaring over de hele wereld hebben geschat dat maar liefst 200 miljoen mensen – onschuldige mannen, vrouwen en kinderen – kunnen zijn gedood in de socialistische vleesmolens: 64 miljoen in de Sovjet-Unie en tot 80 miljoen in China, met miljoenen meer in de andere socialistische samenlevingen rond de wereld. 

Hebben deze offers voor die betere socialistische toekomst vruchten afgeworpen? Heeft het socialisme zijn beloften waargemaakt? In elke socialistische centraal geplande samenleving, omhulden tekorten, slechte handelswaren en stagnerende levensstandaard omhulde het leven van de overgrote meerderheid van de burgers van deze landen. Iedereen die de gelegenheid had om de Sovjet-Unie te bezoeken (zoals ik deed in haar laatste jaren) kon niet anders de zombie-achtige leegte vaststellen in de gezichten van velen in de straten van Moskou, te voet sjokkend van de ene regering winkel naar de andere in wanhopige zoektocht naar de fundamentele basisbehoeften van het dagelijks leven. Er stonden lange rijen mensen in een winkel te wachten om een aantal basisproducten van slechte kwaliteit te kopen. Bij andere overheidswinkels zouden er lege schappen zijn zonder klanten. Alle winkels werden bemand door lusteloze, verveelde en onverschillige overheidsmedewerkers. 

Wat kan dan ook worden verwacht van een economisch systeem dat een individueel initiatief of stimulans om te werken, te sparen en te investeren verhinderde, aangezien particuliere ondernemingen waren afgeschaft en als basis van uitbuiting en onrecht waren verklaard? (In de laatste vijf jaar van de Sovjet-Unie, had de communistische partij leider, Michail Gorbatsjov, kleine en beperkte particuliere ondernemingen toegestaan, en deze, hoe weinig en beperkt, ook waren de enige zaken van economische levendigheid.)

De Oostenrijkse libertarische economen, met name Ludwig von Mises en Friedrich A. Hayek, hadden al in de jaren 20 en 30 aangetoond dat de nationalisatie van particulier eigendom en het einde van de marktconcurrentie en een marktgebaseerd prijssysteem de mogelijkheid voor elke rationele economische besluitvorming uitsloot. Om redelijkerwijs te bepalen wat te produceren, met welke productiemethoden, en in welke relatieve hoeveelheden, zo leegde hij uit, moest er een effectieve methode van economische berekening zijn. Maar zonder marktconforme prijzen die de werkelijke vraag- en aanbodomstandigheden in veranderende omstandigheden weerspiegelen, vloog een centraal geplande economie in zekere zin blind. Het resultaat is wat Mises ooit terecht in een van zijn korte werken over dit onderwerp-“geplande chaos” noemde. 

Vampierachtige, socialistische politieke en economische systemen ontvoerden de levenskracht uit de samenlevingen waarin ze regeerden. Geen ambitie, geen drive, geen vooruitzichten voor een beter en gelukkiger leven was de staat waartoe het socialisme de mensheid in die delen van de wereld veroordeelde.

De enige kansen voor een beter leven kwamen de heersende machtselite van de communistische partij ten goede. Ze hadden speciale winkels, speciale medische klinieken, speciale vakantieoorden, speciale woonaccommodaties, speciale mogelijkheden om naar het buitenland te reizen naar andere socialistische landen of zelfs “de vijand” het Westen van waaruit verboden goederen terug naar huis konden worden gebracht.

EINDE AAN SOCIALISTISCHE PLANNING EN WEDERGEBOORTE VAN DE WELVAART VAN DE MARKT

In het laatste decennium van de 20e eeuw stortte het marxistische socialisme in de Sovjet-Unie en de “gevangen naties” Oost-Europa, die aan het einde van de Tweede Wereldoorlog door Stalin werden veroverd in mekaar. De dood van Mao Zedong in 1976 werd in de jaren ’80 gevolgd door economische hervormingen in China die niet de politieke wurggreep veranderden die de Chinese Communistische Partij op het land had maar wel een verscheidenheid van beperkte en gecontroleerde markt- gebaseerde institutionele transformaties introduceerde die radicale verbeteringen in het dagelijkse leven van honderden miljoenen mensen hebben gebracht.

Veel onderontwikkelde landen in wat vroeger “de derde wereld” werden genoemd, keerden zich in de jaren tachtig en negentig af van het model van de socialistische centrale planning in Sovjetstijl en plaatsten de mensen daar op de weg naar meer marktgericht materiaal en sociale verbetering. In sommige van deze landen zijn armoede en frequente honger bijna uitgeroeid als gevolg van de invoering van vrijere markten en concurrerende ondernemersactiviteiten.

DRACULA STIJGT OP! SOCIALISME KOMT OPNIEUW UIT HET GRAF

Maar net zoals Dracula weer opstijgt uit het graf, is het socialisme met het maken van een comeback onder academici, hogeschool en universiteitsstudenten, en een groeiend aantal intellectuelen. Het komt het meest recent tot uiting in de opgang van de PVDA/PTB.

Kijk eens naar de website van de PVDA/PTB, ze hopen op een nieuw “progressief” socialistisch Belgie ter vervanging van het huidige onderdrukkende en uitbuitende systeem van “neo‐ liberalisme,” dat ze haten en willen omverwerpen.

Zij houden ons voor dat met hen aan de macht er een echt “democratische” maatschappij zal zijn. Een klein handvol rijke kapitalisten moet niet de economische richting dicteren en bepalen van de Belgische economie, voor hun eigen particuliere winst. Nee, de toekomst van dit land moet in handen zijn van alle mensen door middel van democratische besluitvorming.

Werknemers moeten collectief fabrieken en ondernemingen beheren, en de samenleving als geheel moet een breed scala verzorgen en aanbieden van “gratis” dingen voor iedereen: gezondheidszorg, kinderopvang, onderwijs van kleuterschool tot universiteit, en huisvesting en vervoer zou allemaal gratis worden. Ook zou iedereen verzekerd zijn van een jaarlijks universeel basisinkomen. Plus, de werkweek zou worden verminderd en vakantie tijd verhoogd om iedereen meer vrije tijd te bieden en om werkkansen te creëren voor de werklozen.. (Hoe en wie moet betalen voor al deze “gratis” items van het materiële leven blijft een onbeantwoorde vraag, tenzij dan een algemeen vermoeden dat “de rijken” op passende wijze zullen worden belast om de rekening te betalen.)